Jaarboek

Aegon verhult in cijfers belang tussenpersoon

Het Financieele Dagblad en NOVA, vanaf 11 maart 2004

Door Vasco van der Boon en Siem Eikelenboom

Vanaf maart 2004 besteden NOVA en het Financieele Dagblad aandacht aan de innige relatie tussen Aegon en Meeùs, Nederlands grootste keten van tussenpersonen voor verzekeringen. FD en NOVA gingen pas over tot publicatie na een grondig onderzoek van twaalf maanden. Voor de uitzendingen van NOVA zie www.novatv.nl.

Een schijn van onafhankelijkheid

Hoe onafhankelijk is de ‘onafhankelijke’ adviseur? Het is een heikel thema in de Nederlandse verzekeringswereld. Aegon heeft naar buiten toe de eigen koers van tussenpersonen jarenlang benadrukt. Intern was van dringende sturing sprake, zo blijkt uit een scala van interne documenten. ‘De schellen vallen me van de ogen’, aldus Ivo Valkenburg, onafhankelijk adviseur van verzekeraars in een reactie.

Het lijkt allemaal zo transparant. Aegon maakt begin 2000 bekend bijna 100% van de aandelen in assurantiegroep Meeùs in haar bezit te hebben. Maar sindsdien hullen de partijen zich vooral in stilzwijgen. Als dezer dagen bij het hoofdkantoor van Meeùs in Amersfoort wordt gevraagd naar de relatie met Aegon, is het antwoord ontwijkend. ‘Wij zijn niet van Aegon.’ Niets is minder waar. Verzekeraar Aegon verborg jaren doelbewust in haar boekhouding dat zij eigenaar is van Meeùs, Nederlands grootste tussenpersonenketen. Meeùs houdt klanten in folders nog steeds voor ‘volledig adviesvrij’ en ‘onafhankelijk’ van verzekeraars te opereren. Meeùs moet 40% van de polissen van haar klanten afsluiten bij Aegon. Managers van Meeùs krijgen van Aegon een forse salarisverhoging als zij door Aegon geformuleerde productiedoelstellingen van Aegon-polissen realiseren.

(…) Meeùs is niet de enige assurantiegroep in handen van Aegon. In de stichting Jast – speciaal opgericht om dit soort belangen in onder te brengen – en het daaronder hangende Princenland Beheer bracht Aegon behalve haar belang in Meeùs ook belangen in de tussenpersoonketens Kamerbeek, Kamminga, Baneke/Gräffner, Christiaan Smit, Crab Noomen, Gerrit Lammers en Kentron onder. De belangen van Aegon in andere tussenpersonen zoals Elan, Aetax, Spaaradvies en IT-distributeur Assurantie Systemen Nederland werden via stichting Schaap en het daaronder hangende Heideland Beheer op vergelijkbare wijze als met Meeùs opzettelijk uit de openbaarheid gehouden.

Belegging

Boekhoudkundig voerde Aegon dergelijke belangen in verkooporganisaties tot voor kort niet op als een deelneming maar als een belegging. Doordat deze zogeheten beleggingen in aparte en niet als Aegon-rechtspersonen herkenbare stichtingen zijn ondergebracht, worden de werkelijke financiële banden tussen Aegon en de betreffende tussenpersonen aan het oog van de buitenwereld onttrokken. Het verhullen van die belangen is nadrukkelijk de bedoeling, blijkt uit interne Aegon-documenten. Zo schrijft bijvoorbeeld René van der Smeede van de toenmalige directie Aegon Nederland op 30 september 1997 in een vertrouwelijke brief aan notaris Hans Koch, tevens voorzitter van Aegon-stichting Jast: ‘Hartelijk dank voor uw brief van 9 september jl. waarin u uw zorgen uitspreekt over de geheimhouding van de Commercial Accounts [de deelnemingen in tussenpersonen, red.]. Uw brief was voor mij reden om mij nogmaals te verdiepen in de gang van zaken. Daaruit trok ik vooralsnog de conclusie dat er voldoende praktische maatregelen zijn getroffen om de geheimhouding te waarborgen.’ Tijdens dit schrijven is Van der Smeede ook voorzitter van brancheorganisatie het Verbond van Verzekeraars.

Stroman

Om de relatie tussen Aegon en haar tussenpersonen onzichtbaar te maken, maakt Aegon regelmatig gebruik van de mogelijkheid om één of enkele aandelen van een overgenomen tussenpersoon onder te brengen bij een stroman. Dan is er formeel geen 100%-eigendomsrelatie en hoeven bij de Kamer van Koophandel niet de eigendomsverhoudingen te worden gemeld.

(…) Aegon past deze constructie stelselmatig toe als belangen in het assurantie-intermediair zijn verworven. Het hoofd juridische zaken Willem van Vliet beseft dat Aegon hiermee risico’s neemt. Op 8 juli 1999 schrijft hij aan Van der Werf: ‘Terzijde zij opgemerkt dat de huidige praktijk, waarbij Aegon Nederland haar deelnemingen onder Tilburgia niet vermeldt op de lijst deelnemingen [die jaarlijks bij de Kamer van Koophandel (KvK) moet worden gedeponeerd, red.] op gespannen voet staat met hetgeen de wet voorschrijft.’ Desondanks zijn ook de bij de KvK verplicht gedeponeerde lijsten van deelnemingen van Aegon Nederland over 2000, 2001 en 2002 het bezit van Nederlands grootste assurantietussenpersoon blijven verzwijgen. Dit blijkt uit recente navraag bij de KvK.

Het onzichtbaar maken van de band met Aegon dient een vooropgezet doel, meldt hoofdjurist Van Vliet 24 december 1999 aan Van der Werf. De jurist ontraadt dat Aegon-topman Van der Werf zelf als gevolmachtigde een herkenbare positie krijgt in de stichting Jast ‘omdat het juist de bedoeling is de indruk te wekken dat Aegon zijn ”captives” [tussenpersonen in handen van een bepaalde verzekeraar, red.] alleen maar begeleidt als financier, maar dat de verdere formele zeggenschap geheel berust bij de stichting [Jast, red.].’

(…) Op 27 december 2000 feliciteert Aegon-bestuurder Paul van de Geijn een Aegon-topman omdat die het Meeùs-management salarisbepalende performance-indicatoren heeft opgelegd die ‘net zo platvloers als bij Aegon’ zijn. Zo moesten Meeùs-directeuren Johan Boertjes en Wim Jansen over 2001 als hun belangrijkste salariscriterium als ‘Gemiddeld Aegon-aandeel-productie’ van de door Meeùs af te sluiten polissen een groei van meer dan 18% ten opzichte van het voorgaande jaar realiseren, wilden ze goed worden beoordeeld. Als ‘matig’ gold een groei van het Aegon-aandeel in de Meeùs-productie van minder dan 18%. ‘Zeer goed’ was een groei van 19% of meer van het Aegon-aandeel in Meeùs-productie.

Uitdagend

Meeùs-directeur Johan Boertjes schrijft 20 april 2001 aan Van der Werf van Aegon dat de voor Boertjes geldende prestatiecriteria zeer uitdagend zijn, ‘waarbij zeker het te behalen Aegon-aandeel geen ”makkie” zal zijn. Waarbij nogmaals aangetekend zij, dat we ook ”zonder de stok achter de deur” sinds jaar en dag op Aegon sturen.’

(…) Januari 2000 heeft Aegon in Het Financieele Dagblad en enkele verzekeringsvakbladen, na wekenlang ontkennen, eenmalig geopenbaard dat zij eigenaar van de Kamerbeek Meeùs Groep was geworden. Aegon-woordvoerder Jan Driessen stelt nu op grond van die bekendmaking januari 2000 dat Aegon daarom in verzekeringsland voorop loopt met transparantie. Maar op de website van Aegon of andere voor consumenten en beleggers toegankelijke informatiekanalen is tegenwoordig helemaal geen informatie meer te vinden over dominante belangen van Aegon in tussenpersonen, behalve dan een klein zinnetje in het tweede en het derde kwartaalverslag vorig jaar van de Aegon Groep.

Ook de website van Meeùs zwijgt over de eigenaar. In haar Gidi-advieswijzer (de Gedragscode Informatieverstrekking Dienstverlening Intermediair) houdt Meeùs haar klanten voor: ‘Wij zijn volledig adviesvrij. Dat wil zeggen dat wij in vrijheid alle producten van alle verzekeraars kunnen adviseren. (..) Ons bedrijf is gelieerd aan Aegon.’

Over de aanduiding ‘gelieerd’ is lang nagedacht, zo blijkt uit de interne Aegon-documenten. Hans Groeneveld opnieuw, in zijn Aegon-notitie van 14 februari 2002: ‘Verkooptechnisch is door het Gidi overigens al geregeld dat de (potentiële) klanten ervan kunnen kennisnemen, dat een KMG-kantoor ”is gelieerd aan Aegon”. Zo is na beraad de woordkeuze geworden.’

Groeneveld beseft wat het effect is van die zuinige informatieverstrekking door Aegon en Meeùs van hun onderlinge financiële verwevenheid, namelijk ‘dat voor de grote groep particuliere relaties KMG nog steeds wel als een geheel onafhankelijk intermediair wordt beschouwd (imperfect information)’.

(…) Consultant Ivo Valkenburg van het bedrijf Adviesklimaat oordeelt dat het verheimelijken door Aegon van het bezit van Nederlands grootste tussenpersoon strijdt met de gedragscode van het Verbond van Verzekeraars. In die code beloven verzekeraars ‘transparantie’ en ‘heldere voorlichting’. Plus, artikel 2.2: ‘Wij schermen onze bedrijfsvoering niet onnodig af.’

Drie volledige artikelen zijn in pdf-vorm na te lezen op de VVOJ-site:

Gerelateerde artikelen

De alweer vijftiende editie van het VVOJ Jaarboek Onderzoeksjournalistiek is vrijdag 6 april gepresenteerd tijdens de Avond van de Onderzoeksjournalistiek in Pakhuis de Zwijger in Amsterdam. In deze jubileumuitgave een speciaal katern met kleurenfoto’s waarop ANP-fotografen een jaar onderzoeksjournalistiek in beeld brengen.
Voor haar Jaarboek Onderzoeksjournalistiek 2017 zoekt de VVOJ een eindredacteur. Ben jij een ervaren bladenmaker? Heb je een scherpe eindredactionele blik? Ben je lid van de VVOJ en beschik je over de talenten die nodig zijn om een enthousiaste vrijwillige redactie te begeleiden? Lees dan vooral verder.

Sluit je aan bij de vereniging van onderzoeksjournalisten

En vergroot je kennis én netwerk