Grüße aus Hamburg: Zoeken naar een dictator in een hooiberg

GIJC Hamburg

VVOJ-leden uit Nederland en Vlaanderen zijn neergestreken op de wereldconferentie voor onderzoeksjournalistiek in Hamburg. Zij doen verslag van sessies die de Lage Landen moeten inspireren. In deze aflevering: nieuwe trends in datajournalistiek.

door Bram Vermeer

Zodra het vliegtuig van een dictator de luchthaven van Genève nadert, trilt de telefoon van de Zwitserse journalist François Pilet. Zijn app ‘dictatoralert.org’ was een van de vele voorbeelden van nieuwe datatechnieken, die in Hamburg werden besproken. Dictators blijven met hun diplomatieke machinaties liever onzichtbaar. Maar hun drang om te overleven is groter. Net als bijna alle andere vliegtuigen hebben ze daarom bakens aan boord om botsingen te vermijden.

Populaire apps zoals Flightradar24 en FlightAware gebruiken deze bakens om vluchtroutes bijna real-time weer te geven. Maar vliegtuigeigenaren kunnen vragen om hun signalen weg te filteren uit deze apps. De meeste regeringsvliegtuigen en private jets ontbreken daarom bij deze diensten. Juist die ontbrekende vliegtuigen zijn interessant. De Amerikaanse NGO C4ADS heeft daarom een wereldwijd netwerk van ontvangers opgezet die de signalen van vliegtuigen ongefilterd verzamelen. François Pilet gebruikt hun database om de regeringsvliegtuigen te volgen van landen die onderaan staan op de Democracy Index van The Economist.

De alerts geven hem genoeg tijd om in zijn auto te stappen om te kijken wie er uit het vliegtuig komt. Op die manier kwam er een justitieel onderzoek naar Teodorin Obiang, de machthebber van Equatoriaal-Guinea. Zijn elf luxe auto´s, sommige ter waarde van enkele miljoenen euro´s, werden in beslag genomen.

De vele sessies over datajournalistiek in Hamburg waren overvol. De onderzoeksjournalisten zaten geregeld op de vloer of hingen tegen de muur om te leren over laatste tools en trucs. De digitale gereedschapskist wordt voortdurend groter. Journalisten doen gelukkig moeite om bij te blijven.

Traceren van vliegtuigen is nog maar het begin. In Hamburg kwamen ook databases aan de orde waarmee schepen en containers kunnen worden gevolgd. Met slimme zoektechnieken vind je containers die jeans vervoeren vanuit een Russische legerbasis naar Syrie. Of zou er iets anders in de containers zitten?

De radio-ontvangers van C4ADS zijn een mooi voorbeeld hoe je nieuws kunt maken door zelf sensoren te plaatsen. Anderen plaatsten apparaatjes die fijnstof meten in scholen of pesticiden in de lucht in rurale gebieden. Dit soort sensoren kunnen goedkoop zijn, maar je moet ze weten te vinden en te gebruiken. Je kunt bijvoorbeeld fijnstof voor een paar euro meten met een sensor die oorspronkelijk bedoeld is voor het reinigen van airconditioners. Je hebt wel iemand nodig die een schroevendraaier en een soldeerbout kan vasthouden. Maar als dat lukt, krijg je unieke gegevens, die geen enkele andere journalist heeft. Wie gaat er straks in Nederland stikstofoxiden meten?

Voor het werken met grote databestanden gebruikt een aantal collega´s technieken uit de kunstmatige intelligentie. Want hoe vind je verdachte vliegtuigen in een database met miljoenen vluchten als je niet op zoek bent naar heen dictator? Als je een paar vluchten hebt gevonden met opvallend afwijkend gedrag, kun je de computer soortgelijke vluchten laten vinden. Zo werden vliegtuigen opgespoord met geheime wapenzendingen.

Met soortgelijke technieken doorzocht The Atlanta Journal honderdduizenden rapporten over klachten en disciplinaire maatregelen tegen artsen. De journalisten wisten over een aantal gevallen van seksuele intimidatie, maar wilden weten hoe vaak dat in de klachten voorkwam. De rapporten konden onmogelijk allemaal met de hand worden verwerkt, maar voor een computer is het ook lastig. Vrijwel elk rapport vermeldt lichaamsdelen, meestal met een medische reden, maar soms als melding van seksuele handelingen. Als je eenmaal een paar rapporten hebt, kun je die aan de computer geven, die daarmee leert om ze te onderscheiden van andere medische klachten. Dat levert inzicht in de statistiek, maar altijd met een onzekerheidsmarge. De computer vindt niet alles en wijst ook sommige rapporten ten onrechte als zedenzaak aan. Zwitserse collega´s gebruikten soortgelijke methoden om aan te tonen dat de meerderheid van de volgers van een ´influencer´ fake waren.

Dit soort analyses komt niet in de plaats van het klassieke journalistieke handwerk. Na hun computerwerk confronteerden de Zwitserse journalisten de influencer met de vermeende fraude. Die werd niet toegegeven, maar de uitvluchten spraken voor zich.