Grüße aus Hamburg: Schrijven in Jemen

GIJC Hamburg

VVOJ-leden uit Nederland en Vlaanderen zijn neergestreken op de wereldconferentie voor onderzoeksjournalistiek in Hamburg. Zij doen verslag van sessies die de Lage Landen moeten inspireren. In deze aflevering: journalistiek bedrijven in Jemen. 

Frank Mulder

Verschillende workshops op de conferentie gaan over slimme sociale mediatools waar je digitale sporen mee kunt vinden van criminelen of schimmige brievenbusfirma’s. Heel leuk. Maar ik werd wel even stil van journalisten uit het Midden-Oosten, die vanochtend vertelden over de afschuwelijke oorlog die Jemen volledig ontwricht, over de wapens die ze bestuderen om de handel in kaart te brengen, over de honger die ze zien, over de traumabegeleiding die er nodig is en over de veiligheidsrisico’s die journalisten nemen. Dat is wel wat anders dan op je Hollandse studeerkamer data doorzoeken.
De drie journalisten in het panel spraken met autoriteit over het conflict. Verslaggeving vanuit Jemen is extreem moeilijk, vertelde Al Ahmad. Zij is een Saoedische journalist en documentairemaker. Jemen grenst aan de zee en aan Saoedi-Arabië, dat journalisten streng controleert. De vliegvelden zijn dicht. Vervoer in Jemen is heel duur, want er is een tekort aan brandstof. En het ergste is: omdat er geen vluchtelingstroom naar Europa loopt, krijgen ze vaak nul op rekest bij westerse media.
Natuurlijk krijgen wij zo nu en dan een erge foto van een hongerig kind. Maar meestal wordt er gedaan of dit een natuurramp is die uit de lucht komt vallen. En dat maakt El Ahmad kwaad. ‘Hoe is die honger ontstaan? Waarom gaan mensen dood in zowel Houthi-gebied als in gebied van het regime? Honger is een strategie die wordt gebruikt in de oorlog.’ Het is een ramp die door mensen is gemaakt, met wapens die door verschillende regeringen worden verkocht. Ook door het Westen. Amerika is daar nog steeds aanwezig met drones en antiterrorisme-eenheden.’
De Egyptische journalist Muhamad Abo El-Rheit doet onderzoek namens Al Arij, Arab Reporters for Investigative Journalism. Deze mediaorganisatie begeleidt vanuit Amman lokale journalisten. El-Rheit heeft maanden gestudeerd om alle wapens te leren kennen en te weten waar ze vandaan komen. Hij is heel secuur, hij wil van alle geweldsmeldingen minstens vijf bronnen hebben voordat hij ze in een nieuwsitem aanhaalt, omdat hij 100 procent zeker wil zijn dat het waar is.
Wat hij heel belangrijk vindt: misdaden van alle verschillende partijen documenteren en benoemen, en daarin geen partij te kiezen, zoals hij in zo veel landen ziet gebeuren. De Jemenitische journalist Fuad Rajeh heeft letterlijk van een Europese redacteur gehoord: ‘Sorry, we kunnen je stuk niet plaatsen, Jemen leeft niet bij mensen. We moeten helaas nieuws brengen dat mensen willen lezen.’ Hij is vol ongeloof. ‘Waarom? Jullie zijn er toch niet om te leveren wat mensen willen? Jullie zijn er toch om de waarheid te spreken?’
‘Er zijn verhalen genoeg’, zegt ook El Ahmad, die voor de BBC en Frontline op de grond werkt. ‘Maar als er iets wordt gepubliceerd is het meestal een algemeen verhaal over de humanitaire crisis. Maar hoe zit de oorlog in elkaar? Waarom blijven zo veel landen de Verenigde Arabische Emiraten steunen? Zij hebben een slimme PR-machine. Zij blijven zich presenteren als de logische partner in de strijd tegen terrorisme, IS en Al-Qaeda. Maar in hun gebied worden de vreselijkste misdaden gepleegd. Zij hebben de meeste boots on the ground in Jemen. En ze trainen niet een Jemenees leger, maar milities, om te moorden en te martelen.’
Wie op zoek is naar verhalen en naar journalisten, kan contact leggen met de organisatie Al Arij: www.en.arij.net.
Foto: Rod Waddington