Jaarboek

De fiscus op de rooster

Overzicht Jaarboek 2007

cover2007Een Belgische belastingbrief invullen of een onderzoek doen naar de Belgische fiscaliteit – beide ondernemingen zijn qua complexiteit aan elkaar gewaagd. Met de nodige ervaring uit vorige jobs op zak, sloegen een Wetstraatjournalist en een economieredacteur van De Standaard de handen ineen en gingen de uitdaging aan. Steven Samyn en Christof Vanschoubroek presenteerden het ontluisterende resultaat van hun onderzoek in de reeks ‘De fiscus op de rooster’.

De Standaard, februari 2007

Door Steven Samyn en Christof Vanschoubroek

[twee fragmenten uit de serie]
‘Fiscus begrijpt het zelf niet meer’

De Belgische fiscaliteit is zo ingewikkeld dat de fiscus er zelf niet meer uit wijs kan. Driekwart van de belastingcontroleurs vindt de wetgeving te complex. Dat het gros van de burgers zijn weg niet meer vindt in onze fiscaliteit, is al lang geen geheim meer. Jaar na jaar neemt het aantal regeltjes toe. Tegelijk groeit de lijst uitzonderingen explosief, net zoals de uitzonderingen op de uitzonderingen.

Een belastingaangifte invullen is voor de gemiddelde Belg een heksentoer geworden. Wie bijvoorbeeld de aankoop van een woning fiscaal wil optimaliseren, kan niet zonder belastinggids of extern advies. ‘Klopt’, zegt Jef Wellens, bij Kluwer onder meer verantwoordelijk voor de fiscale databank Monkey.be. ‘Er zijn zoveel incentives [voordeeltjes, red.] dat de mensen niet meer weten wat nog allemaal kan.’

De complexiteit van onze fiscale wetgeving is zo groot geworden dat het ook voor de belastingambtenaren zelf stilaan te ingewikkeld wordt. Dat blijkt uit een enquête die het ACV [Algemeen Christelijk Vakverbond, red.] organiseerde en waaraan 3.613 ambtenaren uit alle afdelingen van de belastingadministratie deelnamen.

Hun grootste bekommernis is niet hun loon of de carrièremogelijkheden, niet de bureaus of de computers, zelfs niet het management. Probleem nummer één is de complexiteit van de fiscaliteit. Liefst 72 procent van de ambtenaren vindt dat de wetgeving te ingewikkeld is voor het personeel van Financiën.

Echt schrijnend wordt het als naar de cijfers in de controlecentra wordt gekeken. Daar voeren btw- en belastingspecialisten samen grondige controles uit. Het gaat om ervaren controleurs die belastingadviseurs, boekhouders en gespecialiseerde advocaten als tegenpartij hebben. In deze centra heeft 86 procent van de controleurs vragen over de complexiteit van de regels.

Volgens professor Axel Haelterman (KU Leuven) heeft de personenbelasting veel weg van een fiscale grabbelton die honderden – soms tegenstrijdige – maatregelen bevat. ‘Ik moet toegeven dat ik als hoogleraar personenbelasting soms zelf het noorden kwijt ben. Men moet echt overdreven simplificeren om de coherentie van het systeem nog te zien.’

Voor de uitgevers van belastinggidsen wordt het steeds moeilijker om alle regels in één boek te krijgen. Bij Test-Aankoop verschijnen bepaalde hoofdstukken niet meer in de belastinggids, maar enkel op de website. ‘Als de gids te dik wordt, worden de mensen moedeloos en nemen ze hem niet meer ter hand’, zegt Jean-Francois Biernaux. Lieven Van Belleghem begon in 1985 met de gids Praktische Belastingservice. Die telde toen tachtig pagina’s. In 1999 was dat gegroeid tot 368 bladzijden en dit jaar worden het er 480. Het aantal codes op de belastingaangifte is tussen 2000 en 2006 met bijna 200 stuks toegenomen.

Elke vereenvoudiging leidt tot winnaars en verliezers, zeker als dat binnen een budgettair neutraal kader moet. En politici zijn er nu eenmaal als de dood voor om kiezers voor het hoofd te stoten, klinkt het in regeringskringen.
De Standaard zocht uit waarom de fiscus nog lang geen geoliede machine is. (…)

‘Fiscale snoepjes leggen belastingsysteem in een knoop’

Binnen enkele maanden valt die fameuze bruine envelop opnieuw bij u in de bus. Tijd om uw inkomsten van 2006 bekend te maken aan de fiscus. Maar wat u misschien niet onmiddellijk opvalt, is dat die envelop jaar na jaar een beetje dikker wordt. Elk jaar wordt een laagje nieuwe fiscale regels gelegd bovenop de bestaande. Wie alles zo goed mogelijk wil invullen, doet al eens een beroep op een belastinggids, maar die werkjes zijn door de jaren heen uitgegroeid tot echte kleppers.

‘Paars heeft een staatssecretaris voor Administratieve Vereenvoudiging, maar er is althans op fiscaal vlak helemaal niets eenvoudiger gemaakt, integendeel’, zegt Lieven Van Belleghem, de auteur van de Praktische Belastingservice. Van Belleghem geeft ook opleidingen personenbelasting, voornamelijk aan de bank- en verzekeringssector. ‘In 1999 telde mijn gids 368 bladzijden en dit jaar zal ik al naar de 480 bladzijden gaan om alles behandeld te krijgen. En dan doe ik nog mijn uiterste best om al het overbodige eruit te laten. Het boek wordt jaarlijks gemiddeld een vijftiental bladzijden dikker.’

Ook zijn opleidingen vragen meer tijd. ‘Vroeger volstond één dag. Nu krijg ik met de grootste moeite alles in twee dagen gezien.’ Het is echter niet alleen onder paars dat er een explosie van nieuwe fiscale regeltjes is gekomen. ‘Mijn eerste gids heb ik in 1985 gemaakt. Die besloeg een tachtigtal bladzijden.’

Ook de Belasting- en Beleggingsgids van uitgeverij Pelckmans is over de jaren flink in omvang toegenomen. ‘Het is elk jaar een strijd om alles erin te krijgen’, zegt Tom De Rijck, de redactionele coördinator van de gids. Toen twintig jaar geleden de eerste gids op de markt kwam, besloeg die ongeveer 300 bladzijden. Nu is het handboek gemakkelijk 550 bladzijden dik. ‘En dan is het stuk beleggen over de jaren afgebouwd ten gunste van het fiscale luik.’

‘Men voegt maar regeltjes bij, maar iets schrappen doet men nooit’, zegt Jan De Meyer, de inhoudelijke coördinator van de gids. ‘Sinds 2005 bestaat een nieuw systeem rond de woningfiscaliteit, een goed initiatief, maar daarnaast blijven de oude systemen bestaan. Zo stapelen de regeltjes zich maar op. En dan zijn er al de kleine aftrekken. Ik heb onlangs mijn verwarmingsketel laten onderhouden en vroeg de factuur om van de belastingvermindering daarvoor te kunnen genieten. Die man wist gewoon niet dat dat kon. Ik ben er dagelijks mee bezig, maar de modale burger kan dat zelf allemaal niet meer bijhouden.’

‘Klopt’, zegt Jef Wellens, bij Kluwer onder meer verantwoordelijk voor de fiscale databank Monkey.be. ‘Er zijn zoveel incentives dat de mensen niet meer weten wat allemaal kan, laat staan waarvoor te kiezen. Wie verbouwt, komt potentieel voor een zestal aftrekken of verminderingen in aanmerking. Sommige daarvan zijn cumuleerbaar, andere dan weer niet. Vaak zijn de verminderingen niet hoog genoeg om het bedrag echt te sturen. Enkele fiscale stimuli zijn niet meer dan een druppel op een hete plaat, maar ze verzwaren wel enorm het systeem. Positief blijft natuurlijk wel dat het bij het gros van de maatregelen om verminderingen en aftrekken gaat. Als de burger ze al ontdekt, wordt hij er beter van.’

Wellens ziet ook een andere evolutie. ‘De ‘ronde getallen’ verdwijnen. Vroeger trok men op een deel van het inkomen 25 procent als forfaitaire beroepskosten af. Door de fameuze jobkorting is dat nu 26,1 procent. Eerst wordt gekeken naar het budget en dat wordt dan tot op de komma vertaald naar de wetgeving.’

‘Wij proberen onze gids even dik te houden’, zegt Jean-Francois Biernaux, verantwoordelijk voor de belastinggids van de consumentenorganisatie Test-Aankoop. ‘Als de gids te dik wordt, worden de mensen moedeloos om hem ter hand te nemen. We hebben daar onderzoek naar gedaan. Dat heeft wel tot gevolg dat bepaalde hoofdstukken niet meer in de gids verschijnen, maar enkel op de website.’
Door alle nieuwe regeltjes is het aantal codes op de belastingaangifte door de jaren heen exponentieel toegenomen. Als je de aangifte van toepassing op de inkomsten van 1999 vergelijkt met die van vorig jaar, zie je een toename van het aantal codes met bijna 200 stuks. De aangifte die u in 2000 moest invullen over uw inkomsten van 1999 bevatte 307 codes. Bij de aangifte van vorig jaar ging het al om 499 codes.
Paars is er de afgelopen acht jaar met de hervorming van de personenbelasting in geslaagd om die belasting te verlagen, maar het heeft van de gelegenheid geen gebruik gemaakt om het geheel wat te vereenvoudigen.

Toegegeven: de explosie van codes heeft voor een stuk ook te maken met de zogenaamde decumul, maar die nieuwe maatregel verklaart lang niet alleen de grote toename. Sinds 2004 worden echtgenoten als twee afzonderlijke belastingplichtigen beschouwd. Daarom moesten bepaalde vakken ontdubbeld worden. Zo geven bijvoorbeeld sindsdien zowel de man als de vrouw een deel van het onroerend goed aan. Daarmee werd na jaren discussie de ongelijkheid tussen gehuwden en samenwonenden voor een belangrijk stuk uit de wereld geholpen.

‘Ook de gewesten gaan een steeds grotere rol spelen in de personenbelasting’, zegt Wellens. ‘Vooral Vlaanderen maakt op dat gebied steeds meer gebruik van zijn bevoegdheden. Zo kent Vlaanderen nu een korting op de personenbelasting toe en voerde het naast een belastingvermindering voor Vlamingen die beleggen in het Arkimedesfonds een nieuwe belastingvermindering in voor de Winwinlening (de lening die een particulier toekent aan een startende onderneming, red.). Die fiscale regionalisering dikt het aangifteformulier ook aan.’
‘Waar eindigt dit?’ vraagt De Meyer zich af. ‘In de twee programmawetten en de twee wetten houdende diverse bepalingen van eind vorig jaar zijn opnieuw 109 fiscale bepalingen opgenomen, waarvan er 65 handelen over de inkomstenbelasting. Als fiscalist, maar ook als belastingambtenaar, moet je dat allemaal maar doorworstelen. Vroeg of laat zal er toch een fundamentele hervorming moeten komen.’

Toelichting
Contacten leggen en vertrouwen vergt meeste tijd

Belastingen en ambtenaren. Het zijn niet echt sexy thema’s. En als het over de belastingsadministratie gaat, zakt het enthousiasme doorgaans al helemaal onder het vriespunt. Toch verdient het onderwerp volgens ons meer aandacht. Niet alleen vertrouwt elke Belg tussen de 30 en 50 procent van zijn inkomsten aan de fiscus toe, met 30.000 ambtenaren is de belastingsadministratie ook de grootste administratie van België.

Door Steven Samyn en Christof Vanschoubroek

Bij haar aantreden in 1999 had de paarse regering grootse plannen om de Belgische administraties de 21ste eeuw binnen te leiden. De fiscus kreeg daarbij een centrale plaats. Minister van Financiën Didier Reynders (MR) bracht met de media in zijn kielzog een reeks bezoeken aan belastingkantoren om de lamentabele toestand van de belastingadministratie met eigen ogen te zien. Na acht jaar wilden we nagaan hoe het stond met de omvorming van die vermolmde overheidsadministratie tot een geoliede machine.

Voor deze reeks sloegen een Wetstraatjournalist en een redacteur van de economische redactie de handen ineen. In september 2006 werden de eerste gesprekken met belastingambtenaren gevoerd. Vanaf begin 2007 werkten we bijna voltijds aan de reeks. Half februari verschenen de artikelen in De Standaard.

Het leggen van de contacten en het winnen van het vertrouwen van de verschillende gesprekspartners vergde uiteindelijk de meeste tijd. De belastingadministratie mag dan wel een huis met vele kamers zijn, de ramen en deuren van die kamers blijven meestal gesloten. Alle communicatie over de fiscus moet via het kabinet van de minister lopen. Om die communicatie nog beter te ‘stroomlijnen’ werd de woordvoerster van Reynders vorig jaar zelfs hoofd communicatie bij de administratie.

Omdat de meeste ambtenaren amper durven spreken uit vrees dat hun verdere carrière gefnuikt wordt, duiken in artikelen over de fiscus steevast dezelfde twee of drie vakbondsleiders op. Wij hebben geprobeerd een uitgebreide waaier van mensen op het terrein te spreken. Van de hoogste ambtenaren tot de kleinste controleur.

Daarnaast hebben we in de entourage van de minister van Financiën gepolst naar de echte beweegredenen van Reynders, in de hoop een antwoord te vinden op de vraag of de modernisering van de administratie voor hem wel een prioriteit was.

Een goede reeks vraagt echter ook mensen die met naam en toenaam de vinger op de wonde durven leggen. Rita Dreessen, de personeelsdirecteur van Financiën, heeft bijvoorbeeld voor het eerst met de pers gesproken over de problemen bij de belastingadministratie. Dreessen is de enige topmanager bij de fiscus die uit de private sector is weggeplukt. Ook professor Axel Haelterman, die de huisadviseur van minister Reynders is, kregen we aan de praat over het ingewikkelde kluwen dat ons belastingstelsel is geworden.

Rekenfoutje
Het verhaal over het exorbitante prijskaartje van de consultants die de hervorming van Financiën hebben begeleid, is geschreven na een analyse van parlementaire documenten. De definitieve audit over de ‘rekenfout’ van 883 miljoen euro, waar we de hand op konden leggen, was door de minister maandenlang angstvallig geheim gehouden.

Dat de complexiteit van het belastingstelsel het grootste probleem vormt voor de belastingambtenaren om efficiënt te werken is een van de opmerkelijkste conclusies uit de reeks. Tot nog toe werd altijd het gebrek aan automatisering als voornaamste hinderpaal voor een efficiënte administratie aanzien.

Een van de gevolgen is dat de vereenvoudiging van het Belgische belastingstelsel in de aanloop naar de federale parlementsverkiezingen een echt politiek thema is geworden. Daarnaast zijn een efficiëntere werking en depolitisering van de belastingadministratie eindelijk zaken die hoog op de verkiezingsagenda staan.

Gerelateerde artikelen

De Wob verdwijnt per 1 mei en wordt vervangen door de WOO, de Wet Open Overheid. In het eerste VVOJ Café van dit jaar komt Annemarie Drahmann, universitair hoofddocent bestuursrecht aan de Universiteit Leiden, vertellen wat er verandert met de nieuwe wet.

Eindelijk weer samen! Dat gevoel overheerste op de VVOJ Conferentie 2021 in Brussel, die vlak voor het ingaan van zwaardere lockdown-maatregelen kon doorgaan. Vaste conferentiegangers weten dat het gesprekje in de wandelgang, het vlugge contact via de nieuwe conferentieapp en de kans om samenwerkingsplannen te smeden tijdens het diner minstens zo belangrijk zijn als de keynote-sprekers, de VVOJ-essayist en de meer dan 36 losse workshops en debatten.

Bjørn Oostra, hoofdredacteur De Limburger, is de winnaar het van het Vliegwiel, de prijs van de Vereniging van Onderzoeksjournalisten bedoeld voor de hoofdredacteur of manager die de onderzoeksjournalistiek dit jaar het meest heeft gestimuleerd.

Vorige week heeft de VVOJ het tweede Regiocafé gehouden waarin collega’s uit verschillende delen van het land de verhalen achter hun onderzoeksverhalen vertelden. Een doorslaand succes! Heb je het gemist of wil het herbekijken? Dan kan dat op YouTube.

Vanaf dinsdag 7 september staat de weg naar eeuwige roem voor onderzoeksjournalisten weer open: het is dan mogelijk om jezelf of anderen voor te dragen voor dé prijs voor onderzoeksjournalistiek: De Loep 2021!

Chris de Stoop kreeg afgelopen juni de oeuvreprijs van de VVOJ, maar ‘journalist’ voelt Chris De Stoop zich al jaren niet meer. Dus werkt de Vlaamse boerenzoon niet meer voor het toonaangevende weekblad Knack, maar wijdt hij zich aan het schrijven van boeken die – dat dan weer wel – alom geprezen worden om hun gedegen journalistieke onderzoek.

Op vrijdag 24 juni 2022 zijn op de Avond voor de Onderzoeksjournalistiek in Antwerpen de Oeuvreprijs 2022, de ASN Aanmoedigingsprijs 2021 en de Loep 2021 uitgereikt. Met deze prijzen viert de Vereniging van Onderzoeksjournalisten (VVOJ) jaarlijks de beste onderzoeksjournalistiek in Nederland en Vlaanderen.

Sluit je aan bij de vereniging van onderzoeksjournalisten

En vergroot je kennis én netwerk