Jaarboek

Zwakbegaafde leerlingen moesten drie jaar lang asbest verwijderen

Overzicht Jaarboek 2007

cover2007Uwe Kladz was 17 jaar toen hij als leerling van gemeenschapsschool De Richter in Genk verplicht werd er asbestmuren en -plafonds af te breken. ‘Praktijkles schrijnwerk’ heette dat en hoewel de directie wist hoe giftig asbest was, werden de zwakbegaafde jongeren drie jaar lang blootgesteld aan het gevaarlijke stof. Tussen 1997 en 2000 hebben ze er de turnzaal, de overdekte speelplaats en het vergaderlokaal voor de leraars asbestvrij gemaakt, een werk dat alleen door erkende firma’s verricht mag worden. «We droegen onze gewone overalls en hadden geen stofmaskers, niet eens handschoenen», zegt Uwe. Directrice Colla blijft in vergadering en krijg ik niet aan de telefoon. Algemeen directeur Cleuren wel en hij «wenst geen commentaar te geven gezien de hoek waaruit dat nieuws komt». Ik weet niet ‘welke hoek’ hij bedoelt en hoe dan ook: feiten zijn feiten, en deze feiten zijn wraakroepend.

Het Laatste Nieuws, 19 mei 2006

Door Frieda Joris

VRIJDAG 19 MEI 2006. Op de asbestbetoging afgelopen zondag liepen mannen in witte overalls rond met een spandoek: «Verwijdering van asbest niet door leerlingen». De leerlingen in kwestie blijken de licht mentaal gehandicapte jongeren van De Richter in Genk. Leerlingen van 14 tot 18 jaar die inplaats van lessen schrijnwerk oude asbestmuren en plafonds met de levensgevaarlijke vezel verplicht moesten afbreken. «We hebben de feiten lang niet bij naam genoemd uit loyaliteit voor het gemeenschapsonderwijs waar we voorstanders van zijn», zegt de gepensioneerde leraar Guido Joris. «We dachten: we krijgen dat wel intern geregeld. Tja vergeet het. We moéten de zaak wel in de openbaarheid brengen, want de asbestverwijdering is geen probleem van één school maar van bijna alle scholen. Tien jaar geleden beschikte het gemeenschapsonderwijs over tien miljoen frank per jaar om asbest op een veilige manier en door een gespecialiseerde firma te laten verwijderen, maar na ’97 werd de geldkraan toegedraaid en moesten de scholen er maar zelf voor zorgen. De klus door leerlingen laten opknappen is echter schandalig. Er mag niet eens een leerling in de buurt zijn als er met asbest wordt gewerkt!»

LEERLING: UWE KLADZ

«Zelfs de gehandicapten ploeterden door het stof

Nu is hij 26 jaar, woont driehoog in een studio en werkt als vrachtwagenchauffeur, maar Uwe Kladz uit Genk was een van de leerlingen die in ’98 mee de asbestopdracht uitvoerde.

«Ik zat met zes anderen in de afdeling houtbewerking toen de verbouwingswerken in oktober of november begonnen. Met vier man waren we van dan af constant bezig met de afbraak van asbestleien op de overdekte speelplaats voor gehandicapten. We klopten asbestplaten af met ons gewoon materiaal: hamers, beitels, koevoet. ‘Leef je maar uit’, zeiden ze tegen ons.We droegen geen beschermende kledij, maar onze gewone overall. Geen stofmaskers. Geen handschoenen. Alleszins niet toen ik er nog bij was.»

«Na een tweetal weken is L.V., onze leraar schrijnwerk, op ziekteverlof gegaan. Hij heeft er ons nooit van verwittigd dat we met een gevaarlijk goedje bezig waren. Nooit. Die man is toen niet meer opgedoken, hij ging na zijn ziekteverlof onmiddellijk op pensioen en werd vervangen door interim-leerkracht Hubert. Eén keer heb ik L.V. teruggezien toen we met andere leraars naar de directie van Buitengewoon Onderwijs in Brussel gingen om over die asbestwerken te praten. Da’s nu een jaar of drie geleden, maar ik heb noch van hem noch over die zaak nog iets gehoord.»

«Toch had ik ergens zo’n vermoeden dat er met die afbraakwerken iets niet klopte. Mijn grootvader die altijd dakwerken heeft uitgevoerd, zei me: ‘Daar zit zeker asbest in’. Maar als jonge gast let je daar niet op, ik werkte net als de anderen dag-in dag-uit gewoon voort. Al het asbestafval hebben we achter de school naast de container voor groot vuil op de grond gegooid. Een gedeelte hebben we in de bosjes achtergelaten waar het nieuwe speelplein werd gebouwd.»

«Dat ik al die maanden hopen asbeststof heb ingeademd, weet ik nog maar sedert twee jaar toen leraar Guido het me vertelde. Niet alleen ik en mijn klasgenoten hebben asbest binnen, ook al die anderen. Zelfs de gehandicapten die geregeld door het stof ploeterden op weg naar de refter.»

«Ik heb nog geluk, ik ben maar een maand of vier met dat asbest bezig geweest. Ze hebben altijd gezegd dat ik te goed was voor het buitengewoon onderwijs, maar ik had geen zin meer om nog eens ergens anders alles te herbeginnen. Ik had mijn diploma al op mijn 17de, maar moest nog een halfjaar op school blijven. Ik voelde me daar goed maar de dag in februari dat ik volwassen werd, ben ik weggebleven en gaan werken.»

«Ze hebben me nu gezegd dat ik best eens testen zou laten doen, dat ik naar mijn longen moet laten kijken. Ik heb dat nog niet gedaan, ik voel me nog altijd goed en daarbij: wie draait er voor de kosten op? Het is tenslotte de schuld van de school, hé.»

INTERIM-LERAAR: HUBERT PHILIPSEN

«Ze hebben me gebruikt

Hubert Philipsen (43) zit thuis en hijst zich met twee krukken recht, want hij heeft net een meniscusoperatie achter de rug. Van ’97 tot 2000 was hij de interim-leerkracht die samen met de leerlingen de verbouwingswerken in De Richter uitvoerde. Het hele avontuur heeft bij hem een zo’n bittere nasmaak nagelaten, dat hij van job veranderde en sedertdien een tevreden werknemer is van De Post. «Toen ik eraan begon, waren de kinderen al volop bezig met de afbraak van het plafond in de turnzaal. Ik was toen 35 jaar en had er als leraar al een hele ‘carrière’ als interim opzitten. Twee weken hier, drie maanden ginder.

Eindelijk kreeg ik, dacht ik, de kans van mijn leven. De directrice van De Richterbeloofde me dat ik in dienst zou kunnen blijven en definitief L.V. als leraar schrijnwerkerij zou vervangen. Maar eerst moesten die renovatiewerken gebeuren. Ik besefte niet dat er asbest aanwezig was. Wel was er verschrikkelijk veel stof en we hebben de leerlingen toen van die kleine mondmaskers gegeven. Ik moest voortdurend grommelen dat ze ze moesten ophouden, maar zo’n maskertje is natuurlijk lastig. Ik moet bekennen dat ik op den duur mijn eigen maskertje ook niet meer droeg. Ik werkte meestal met een leerling of vijf, bijna allemaal allochtonen. Meestal minderbegaafde kinderen maar er zaten er ook heel gewone tussen, puur omdat de ouders dan meer kindergeld kregen.»

«Ik ben pas te weten gekomen dat er een gevaarlijk goedje was, toen de container toekwam. De mannen van de container zeiden: ‘Dit is asbest, dat mag hier niet in. Dat afval moet gescheiden worden, want asbest is gevaarlijk en dat nemen we niet mee. Daarvoor moet er een speciale firma komen’. De oplossing was simpel: de hopen met asbest zijn toen gewoon blijven liggen. Ik denk achteraf ook dat L.V.met zijn opdracht gestopt is, omdat hij wist dat er asbest lag, en misschien heeft hij ook geprotesteerd bij de directie.»

«Ze hebben me in die school lelijk te pakken gehad. En daarbij, nadat de werken gedaan waren, moest ik niet meer komen. Ik voelde me daar trouwens meer een werkman dan een leraar, zo hebben ze me ook gebruikt. Net als sommige leerlingen die de hele tijd moesten werken en geen les meer kregen.»

«Ja, ik heb last van mijn longen maar ik weet niet of dat van die asbest komt. Ik heb ooit een klaplong gehad na een ongeval en tja, ik rook. Ik heb niet meer naar een andere job als leraar gezocht. Ik ben bij De Postbegonnen, ik zamel de middagpost in en ben content. Nu laten ze me gerust. Ik moet niet meer met asbest werken. Ik heb ook voor het ministerie een officiële verklaring afgelegd van wat er is gebeurd, maar ik heb er nooit meer iets over gehoord. Ik denk dat het ergens in de onderste lade is geklasseerd, want de directie had goede connecties. Maar ik zwijg niet, ik wil niet dat zo’n misbruik nog ergens anders kan gebeuren.»-

GEPENSIONEERDE LERAAR SCHRIJNWERK: L.V.

Bang voor represailles

Hij laat me binnen in zijn bureautje, maar is duidelijk over zijn toeren. L.V. roept inplaats van te praten, maar bevestigt dat hij de leraar schrijnwerk is die met de asbestwerken begon. «Ik heb maar een halfuur met de kinderen gewerkt, ik zag onmiddellijk dat het asbest was. Ik heb de directrice daarvan op de hoogte gebracht.» Ik vraag of hij geweigerd heeft de opdracht uit te voeren. «Ik heb niks geweigerd. Ik ben met ziekteverlof gegaan en daarna met pensioen, dat was ik toch van plan.» Waarom heeft hij zijn opvolger en zijn leerlingen niet verwittigd dat ze met asbest werkten? «Je beseft niet hoe het er in het onderwijs aan toe gaat», antwoordt hij. De man is duidelijk bang.Waarom? «Represailles. » Welke? Ik krijg geen antwoord meer, de man dreigt zelfs even me te gijzelen maar laat me uiteindelijk toch gaan.

DE LERAAR DIE PROTESTEERDE: GUIDO JORIS

«Ik ben er nog altijd doorbescha»

«Eerst gaf ik muziek en daarna een soort leerlingenzorg ‘avant la lettre’ vooral voor migrantenkinderen in het buitengewoon onderwijs. Toen ik van L.V. hoorde dat hij met zijn leerlingen die asbestplaten moest afbreken, kon ik dat niet geloven. Ik dacht: ‘die wil mij iets wijsmaken’. Onvoorstelbaar, en toch gebeurde het. Een tijdelijke leerkracht heeft die werken drie jaar lang samen met de leerlingen uitgevoerd. Zonder enige bescherming, met de meest primitieve materialen. Eén leerling is eraan ontsnapt. Een jongen met astma hadden ze ook laten kappen en kloppen, maar die kreeg ademhalingsproblemen en moest niet meer meewerken.»

«L.V. heeft wel degelijk zijn opdracht geweigerd en meldde de directrice dat het om asbest ging. Daarna is hij met ziekteverlof gestuurd en op pensioen gegaan. De interim was beloofd dat ze hem in dienst zouden nemen maar na de renovatiewerken hebben ze hem er onmiddellijk uitgewerkt. De bouwmeester van de piramide wist waar de farao lag, hé.»

«Wij hebben met zeven leerkrachten van de school geprotesteerd, maar de meesten werden afgeschrikt. We zeiden in koor: ‘Dit kan echt niet door de beugel.’ De algemene directeur was niet bereid erover te spreken, de voorzitter van het schoolbestuur evenmin. Aanvankelijk misschien niet te begrijpen: die feiten waren zo ongeloofwaardig… Er waren niet alleen die drie jaar dat er in die onveilige omstandigheden gewerkt werd, maar ook het probleem van het asbestafval. De leerlingen voetbalden met de brokstukken die in maart 2004 nog altijd rondslingerden op de terreinen van de school, vlak naast de speelplaats. Ik heb er in 2002 de milieu-inspectie uit Hasselt op afgestuurd, die inderdaad het asbestafval vaststelden, en daar bleef het bij. Nu staat op die plaats een nieuw internaat. Of dat asbestafval ondertussen bebouwd is of afgevoerd, kan ik niet zeggen.»

«De zeven leerkrachten die zich verzet hebben, hebben het geweten. Slechts één leraar heeft ondertussen op een normale manier zijn pensioen gehaald. Alle anderen zijn afgevoerd. Mij zijn ze na ons protest serieus beginnen te pesten. Mijn werk verdween, ik kreeg de directie niet meer te spreken en ondertussen kreeg ik bedreigingen… Dode ratten voor mijn voordeur, een anonieme en schunnige e-mailcampagne. Ik kreeg slaapproblemen en ben naar een advocaat gestapt. Die nam contact op met de Rago (de Raad voor het Gemeenschapsonderwijs) en zei: ‘Ze gaan je op pensioen zetten maar je moet over die asbest zwijgen.’ Ik heb toen eieren voor mijn geld gekozen, maar ik nam me voor: als alles geregeld is, kunnen ze me niet langer doen zwijgen. Vandaag is het zover en spreek ik. Ik ben 55 jaar, maar ik ben daar nog altijd door beschadigd.»

«We krijgen nu de ene klacht na de andere wegens laster en eerroof. Geen enkele procureur gaat erop in, die zien ook wat er aan de hand is. Daarop is een klacht met burgerlijke partijstelling gevolgd en zijn we met ons zevenen in Tongeren moeten verschijnen waar de klacht opnieuw werd geseponeerd. Dat blijft ons achtervolgen. De directrice heeft nu weer een kortgeding gevoerd dat ze over de hele lijn heeft verloren en toch gaat ze weer in beroep. In feite allemaal pogingen om ons monddood te maken. Intimidatiepogingen, niets meer, niets minder.»

Dit is het eerste van een serie artikelen van Frieda Joris in Het Laatste Nieuws: Asbestdossier over een school in Genk.

Toelichting
Asbest horror

Tijdens een herdenkingstocht voor asbestslachtoffers kwam Frieda Joris, verslaggever van Het Laatste Nieuws, in contact met een opvallend groepje mannen in witte overalls. Hun verhaal, over zwakbegaafde leerlingen die op school asbest moesten verwijderen, hadden ze van horen zeggen. Maar Joris’nieuwsgierigheid was gewekt: was dit fictie of werkelijkheid?

Door Frieda Joris

Na een artikelenreeks over verzwegen asbestslachtoffers die ik in de lente 2006 in Het Laatste Nieuws publiceerde en die heeft geleid tot de oprichting van een Belgisch asbestfonds, werd in Brussel een herdenkingstocht gehouden. Eén groepje viel me op: zeven in witte overalls geklede mannen die een spandoek meedroegen: ‘Verwijderen van asbest in scholen niet door leerlingen’. Ze vertelden me hoe zwakbegaafde leerlingen van de school De Richter in Genk tussen 1997 en 2000 tijdens de lesuren asbestmuren en -plafonds moesten afbreken. Ze hadden het verhaal van ‘horen zeggen’ maar ik vond het zo straf, dat ik meer wou weten. geen rook zonder vuur is een cliché, maar clichés hebben de eigenschap veel waarheid te bevatten.

De eerste vraag die ik me stelde was uiteraard: is dit fictie, of is dit wel degelijk gebeurd? Hoewel de directrice van de school de feiten staalhard ontkende heb ik me in de zaak vastgebeten.

Ik rook een goed verhaal, zeker toen ik erachter kwam dat de zeven leraren die zich indertijd hadden verzet tegen het asbestwerk, allemaal van de school verwijderd waren of met vervroegd pensioen waren gestuurd.

Ik begon een soms moeizame zoektocht naar leerlingen, getuigen en leraren van toen. De jongeren waren ondertussen volwassen, woonden en werkten vaak in een andere stad en hadden met elkaar geen contact meer. Ik heb soms uren aan de telefoon gehangen op zoek naar familieleden en buren die een recent gsm-nummer of adres hadden. De vroegere leraren: dat was andere koek. De moedigsten wilden wel in de krant maar er waren er ook die niet tot praten bereid waren.

Ziekteverlof
Ik ontdekte op het internet ‘Het Clubje’, een vereniging ex-leraren die wantoestanden in het onderwijs aanklaagt. Twee leden ervan hebben me geholpen bij mijn speurwerk in de donkere en goed afgesloten coulissen van het onderwijs.

Hoe meer leerlingen ik sprak, hoe duidelijker het me werd dat het verwijderen van asbest wel degelijk door klasgenoten was uitgevoerd. Toch was ik pas echt overtuigd van de feiten na een bezoek aan de leraar schrijnwerk die in 1997 met zijn klas aan het afbreken van muren en plafonds begon. De man was zo bang dat hij zelfs dreigde me te gijzelen maar hij gaf uiteindelijk de feiten toe. Hij had onmiddellijk na zijn eerste hamerslag het asbest ontdekt. Hij weigerde door te werken en had de directrice verwittigd voor het gezondheidsgevaar. De man werd prompt met ziekteverlof gestuurd en mocht zich nooit meer op school aanmelden. Hij kreeg een ‘afscheidsregeling’ waarna hij met pensioen mocht gaan. Waarom hij zo bang was? ‘Voor represailles’ en ik stond terug op straat, meer dan ooit gemotiveerd om verder te spitten.

Zoals dat zo mooi heet ‘om de waarheid aan het licht te brengen’ maar ook nog om een andere reden. Ik was meer en meer verontwaardigd dat men die tieners nooit verwittigd had en dat ze, door de feiten in de doofpot te stoppen, niet eens aan een medisch onderzoek werden onderworpen. Want er was daar gewerkt in omstandigheden die totaal ontoelaatbaar zijn. Zonder mondmaskers, zonder beschermende schoenen of kleding en met het ‘gewone’ materiaal van de school: koevoet, beitel en hamer.

Ik ontmoette de interim-leerkracht die samen met de leerlingen de werken hervatte. Hij merkte pas na maanden dat het om asbest ging; toen de reinigingsdienst weigerde de brokstukken op te halen. ‘Dit is asbest, dat is gevaarlijk afval en mogen we niet meenemen’ kreeg hij van de vuilnismannen te horen. De leraar werkte echter voort en

zweeg: hem was door de directie een vaste job beloofd. Die heeft hij uiteindelijk niet gekregen en is daar achteraf niet rouwig om. Hij is nu een tevreden werknemer van De Post: ‘Veel beter voor mijn longen’, lacht hij groen.

Verzinsels of waarheid? Veel meer dan gezond boerenverstand was er na deze getuigenissen niet meer nodig om mijn eerste vraag te beantwoorden. Waarheid, want wie had er reden om te liegen? De leerlingen niet. De leraren evenmin, zeker die postbode niet die met naam en foto toegaf dat hij zijn klas aan asbeststof had blootgesteld. Hij kon er zelfs nog last mee krijgen maar gaf toch zijn versie opdat zoiets ‘nooit meer zou kunnen gebeuren’.

De directrice, dat is een ander verhaal. Die vrouw had reden te over om alles te ontkennen. Haar reputatie, haar school, haar job stond op het spel: er hebben er al voor minder de waarheid verdraaid.

Verzwegen schandaal
De tweede vraag die ik me stelde was: Hoe kon dit schandaal verzwegen worden?

De weggesaneerde leraren van De Richter hadden immers verwoede pogingen gedaan om gehoor te krijgen bij het overkoepelende bestuur van het Gemeenschapsonderwijs in Brussel. Zonder gevolg: de directrice van de school werd er op haar woord geloofd. Meer nog, de afgevaardigd bestuurder dacht er niet aan de ex-leraren of de leerlingen in kwestie ook maar aan te horen. ‘De leerlingen zijn niet in aanraking gekomen met asbest en ik heb geen bewijzen dat het anders is’, zei hij me. Onderwijsminister Vandenbroucke schoof de hete aardappel door. ‘Als er fouten gemaakt zijn, moet de scholengroep optreden’, zei hij en voor hem was de kous daarmee af.

Die bewijzen, ik begreep dat de top in Brussel niet van plan was die te zoeken. Ik heb ze dan maar zelf gezocht en met een beetje hulp gevonden. De officiële asbestinventarisatie waaruit bleek dat het schoolgebouw vol asbest stak. Het attest van het containerbedrijf dat de asbesthoudende brokstukken bij De Richter had opgehaald. En ik vond weer nieuwe getuigen die de feiten bevestigden.

Derde vraag: Hoe kan zo’n schandaal in de toekomst voorkomen worden?

Door het schandaal aan de kaak te stellen, wat ik dan ook gedaan heb.

Want het is een feit dat veel van onze schoolgebouwen (net als veel van onze huizen) asbest bevatten en het is ook niet ongewoon dat men leerlingen uit het technisch onderwijs klusjes laat opknappen.

Eind november 2006 ben ik naar een vergadering gegaan met de onderwijstop in Brussel die nu toch schoorvoetend toegaf dat er ‘misschien toch iets misgegaan was in die school’. Geen asbestafbraak maar ‘wellicht hebben sommige kinderen wel eens een brokstuk met asbest in handen gehad’. Er werd een nieuw onderzoek ingesteld.

Een extern onderzoek bevestigde het asbestverhaal en eindelijk ontvingen de leerlingen die met asbest gewerkt hadden een uitnodiging voor een medisch onderzoek.

De moraal van dit verhaal voor mezelf? Afgaan op gezond boerenverstand, niet opgeven en uiteraard pas publiceren als het dossier zwaar genoeg weegt. En na publicatie niet loslaten. Kuitenbijtertjes kunnen lastige maar ook nuttige dieren zijn.

Gerelateerde artikelen

De Wob verdwijnt per 1 mei en wordt vervangen door de WOO, de Wet Open Overheid. In het eerste VVOJ Café van dit jaar komt Annemarie Drahmann, universitair hoofddocent bestuursrecht aan de Universiteit Leiden, vertellen wat er verandert met de nieuwe wet.

Eindelijk weer samen! Dat gevoel overheerste op de VVOJ Conferentie 2021 in Brussel, die vlak voor het ingaan van zwaardere lockdown-maatregelen kon doorgaan. Vaste conferentiegangers weten dat het gesprekje in de wandelgang, het vlugge contact via de nieuwe conferentieapp en de kans om samenwerkingsplannen te smeden tijdens het diner minstens zo belangrijk zijn als de keynote-sprekers, de VVOJ-essayist en de meer dan 36 losse workshops en debatten.

Bjørn Oostra, hoofdredacteur De Limburger, is de winnaar het van het Vliegwiel, de prijs van de Vereniging van Onderzoeksjournalisten bedoeld voor de hoofdredacteur of manager die de onderzoeksjournalistiek dit jaar het meest heeft gestimuleerd.

Vorige week heeft de VVOJ het tweede Regiocafé gehouden waarin collega’s uit verschillende delen van het land de verhalen achter hun onderzoeksverhalen vertelden. Een doorslaand succes! Heb je het gemist of wil het herbekijken? Dan kan dat op YouTube.

Vanaf dinsdag 7 september staat de weg naar eeuwige roem voor onderzoeksjournalisten weer open: het is dan mogelijk om jezelf of anderen voor te dragen voor dé prijs voor onderzoeksjournalistiek: De Loep 2021!

Chris de Stoop kreeg afgelopen juni de oeuvreprijs van de VVOJ, maar ‘journalist’ voelt Chris De Stoop zich al jaren niet meer. Dus werkt de Vlaamse boerenzoon niet meer voor het toonaangevende weekblad Knack, maar wijdt hij zich aan het schrijven van boeken die – dat dan weer wel – alom geprezen worden om hun gedegen journalistieke onderzoek.

Op vrijdag 24 juni 2022 zijn op de Avond voor de Onderzoeksjournalistiek in Antwerpen de Oeuvreprijs 2022, de ASN Aanmoedigingsprijs 2021 en de Loep 2021 uitgereikt. Met deze prijzen viert de Vereniging van Onderzoeksjournalisten (VVOJ) jaarlijks de beste onderzoeksjournalistiek in Nederland en Vlaanderen.

Sluit je aan bij de vereniging van onderzoeksjournalisten

En vergroot je kennis én netwerk