Conferentie, Nieuws, vvoj2015

#VVOJ15: Leren van hackers

IMG_0268

‘Ik ga leren hacken. Wie doet er mee?’ Deze oproep deed datajournalist en Loepgenomineerde Dimitri Tokmetzis in augustus op De Correspondent. Op de VVOJ Conferentie vertelt hij wat zijn onderzoek heeft opgeleverd. Gedegen onderzoek, want hij won er vrijdagavond een loep mee.

door Christiaan Paauwe

Een volle zaal zit klaar om van Dimitri Tokmetzis, journalist bij De Correspondent, een speedcursus hacken te krijgen. Tijdens zijn presentatie Eerste Hulp bij Hackers legt Tokmetzis uit op hoe hij zes jaar geleden is begonnen met Excel, en zich nu heeft ontwikkeld tot hackexpert.

Hacken is niet alleen maar een manier om illegaal aan informatie te komen. Een hacker leert bestaande technologie kennen, om die vervolgens op een andere manier in te zetten. Tokmetzis stelt dat je niet alleen over hacken kan schrijven, maar hacktechnologie ook kunt gebruiken om aan je informatie te komen. ‘Journalisten moeten leren als hackers te denken.’ Dit licht hij toe met verschillende voorbeelden.

Zo heeft Tokmetzis in een langer onderzoeksproject achterhaald wat voor informatie een smartphone uitstraalt. Een slimme telefoon ‘braakt’ continu data uit.

In zijn artikel Dit zijn de virtuele stalkers van uw kind heeft hij uitgelegd hoe kinderen worden getrackt door adverteerders. Door hackprogramma’s te gebruiken kon hij gemakkelijk kinderwebsites analyseren en met die data vaststellen welke adverteerders er betalen voor de informatie.

Daarnaast kan het dataspoor van de gebruiker zelf gevolgd worden. Elke keer als iemand een website bezoekt, laat hij informatie achter. Met dat gegeven kun je bijvoorbeeld het gedrag van mensen die porno kijken analyseren. Welke genres zijn populair? Tokmetzis heeft kunnen waarnemen dat vrouwvriendelijkere porno over de afgelopen jaren steeds meer bekeken wordt. Zijn data kwam overeen met onderzoek van antropologen van de Universiteit van Amsterdam.

Mensen bewust maken van hun gedrag kan ook op een andere manieren. Je kan de ‘vorm hacken’. Met het project Koppie koppie biedt Tokmetzis koffiemokken aan met foto’s van kinderen die van Flickr zijn gehaald. Behalve geschokte reacties kreeg hij ook berichten van dankbare ouders die nu de risico’s begrepen van het delen van foto’s op het internet.

Tokmetzis vertelt dat hij in de toekomst zich wil richten op sensoren. Hoe zou je die voor de journalistiek kunnen gebruiken? Bijvoorbeeld door een sensor in een fiets te plaatsen en dan een jaar lang te tracken waar de fiets terechtkomt.

De lezing eindigt met een aantal vragen van het publiek. Hoe bescherm je jezelf tegen alle hedendaagse dataterreur? Tokmetzis vindt het moeilijk om daar een sluitend antwoord op te geven. Zijn smartphone is dichtgetimmerd met beschermingssoftware en hij gebruikt ad-blockers op zijn computer.

Andere vraag: waar ligt ethisch de grens van hacken? Dat is voor Tokmetzis makkelijk: je mag niet zomaar iemands computer in, je mag informatie niet stelen. Na een paar adviezen van programma’s die Tokmetzis in zijn methode gebruikt, verlaat het publiek de zaal. Hongerig om zelf ook te gaan ‘hacken’.

Foto Nina Slagmolen.

 

 

Gerelateerde artikelen

Ministeries doen steeds langer over de behandeling van een Woo-verzoek. De Wet open overheid schrijft voor dat iemand die een informatieverzoek doet, binnen 42 dagen een besluit moet ontvangen. Het afgelopen jaar duurde het gemiddeld 172 dagen voor er een besluit was genomen, waar dat in 2022 nog 167 dagen was. Slechts in 17 procent van de verzoeken wordt een besluit tijdig genomen. Dit blijkt uit nieuw onderzoek van Open State Foundation, Instituut Maatschappelijk Innovatie en de Universiteit van Amsterdam.

Sluit je aan bij de vereniging van onderzoeksjournalisten

En vergroot je kennis én netwerk